Fases in groepsontwikkeling

In groepsontwikkeling wordt veelal onderscheid gemaakt tussen verschillende ontwikkelingsfases (Tuckman, 1965). Hierbij worden grofweg vier fases onderscheiden:

  1. Oriëntatiefase (forming): er heerst binnen de groep een grote onzekerheid betreffende doel, structuur en leiderschap binnen de groep. De afzonderlijke leden hebben er behoefte aan om de situatie af te tasten. Deze fase wordt afgerond als de afzonderlijke groepsleden zich als onderdeel van de groep gaan zien.
  2. Conflictfase (storming): de afzonderlijke groepsleden accepteren dat de groep als geheel bestaat, maar zetten zich tegelijkertijd af tegen de beperkingen die de groep oplegt aan de verschillende individuen in de groep. Leiderschap is vaak ook een thema waarover conflict ontstaat: wie is de leider?
  3. Samenwerkingsfase (norming): in deze fase ontstaat er een echte groep. De groep gaat over in teamverband waarbij de identiteit van het team is gedefinieerd en er ontstaan normen en waarden in het team waaraan elk lid zich dient te conformeren.
  4. Autonome fase (performing): in deze fase is het team in staat om taken naar behoren, in gezamenlijkheid, uit te voeren. Men kent elkaar (samenwerkingsfase) en men is nu in staat om de energie te richten op het vervolmaken van taken en het nastreven van specifieke doelen.

Over het algemeen nemen teamresultaten toe naarmate de groep zich ontwikkeld tot team en zich steeds verder richting autonome fase begeeft.

Groepsontwikkeling2

De ontwikkelingsfase waar een groep/team zich in begeeft, vertelt ons iets over de teamcoaching-strategie welke het meest effectief zal zijn. Teamcoaching is er, in de basis, op gericht om een groep/team naar de volgende ontwikkelingsfase te begeleiden. Een groep in de oriëntatiefase is gebaat bij verbindingen creëren. Een groep in de conflictfase heeft veel aan het verhogen van de bekwaamheid van de groep. Een team in de samenwerkingsfase moet leren samen verantwoordelijkheid te nemen voor het te verwezenlijken resultaat. In de laatste fase is teamcoaching vaak niet meer nodig. In deze fase kunnen individuele teamleden baat hebben bij persoonlijke coaching.

 

Bronnen:

Lingsma (2012). Aan de slag met teamcoaching. Amsterdam: Uitgeverij Boom Nelissen. ISBN: 9789024416950 

Robbins & Judge (2011). Gedrag in organisaties. Amsterdam: Pearson Education. EAN: 9789043095174

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *